() Ademloos

ik dacht dat je me iets zei
en plooi me naar je toe
maar hoe ik ook plooi
ik hoor in jouw geval enkel
het stokken van je adem
ik ken er ondertussen de
lange stilte van
het is bijna dodelijk wanneer
je naar woorden graaft
om niets te zeggen maar
bedoelt: ik weet dat jij
het bent voor mij

#HenriA

() Kindergeluk

Het was steeds in de nacht dat we naar Zwitserland reden, in een groene slee, over zwart asfalt met witte stippen en strepen, vanaf de oprijlaan. De basketbal tussen de benen posteerde ik me vooraan, op moeders schoot, de rest van de kroost slapend achteraan. 

Ik was de kleinste copiloot die nog nooit had gereden, ik was er te jong voor. Mijn daden beperkten zich tot praten, een babbeltje slaan over niets en over het leven, tegen mijn held die me nooit heeft begrepen, ook niet tijdens zijn gevecht tegen de slaap. 

En bij de opkomende zon keken we tegen de bergen aan, schokten we naar boven, met de afgrond langs ons heen, om ons te bedwelmen met echoënde vergezichten, het ongrijpbare kruis, omringd met laaghangende wolken en watervalgedruis. 

Misschien was het allemaal wat overdreven, te veel prestige voor de buurt. Ik heb mijn hart weggeven aan dat stuk moeder, aan dat stuk natuur. 

#HenriA

() Gouden kooi

Het lek tussen twee vuren is terug gedicht
ik vraag me af of ik nu blij moet zijn
of eerder moet huilen
met alle bruggen die ik sloeg
tussen nutteloos en niets.

Het is eerder opgelucht ademhalen
want met de handen in het haar
ga je harder denken
en word je vlugger kaal.

Kijk toch die vogel in het gras
kijk toch die dichter achter het glas
ze zaten allebei in een gouden kooi
terwijl ze hun leven omgooien.

#HenriA

() Jon Spencer Blues Explosion - 2 kindsa


() Het einde van de middeleeuwen

“Waarschijnlijk was ik prenataal
al bezwaard met
ridder en paard”,
bedenk ik me - hier -

achter het raam
waar jonkvrouwen voorbij gaan,
in sluiers schrijden.

De kasseien zijn glad van
de regen, zo ook het pad
waar ik eindelijk van weg
glijd, de tijd in helften breek.

In de middelste eeuwen
geleden, het
lonkende bestormen, ontstaan
nieuwe luchtkastelen.

De troubadour die ik
ben, die terug
kan spelen.

De pen is geladen met
woord en schaam
als aangedreven sporen. In
je gulle vlees galoppeer
ik je lendenen:
van Jut naar Aer,
van onder naar boven.

#HenriA

() Treintrilogie


() Perrongeluk

Vuur mevrouw en voor ik het besefte
gleed de rug van mijn hand per ongeluk
langs je zachte wang.

Je blosjes kleurden rood en
je lachje hing verlegen
rond je lippen
terwijl je diep de rook inzoog
die even later langs je
linkermondhoek naar
buiten glipte.

Ik rookte met je mee en mikte
mijn as tussen jouw benen
zodat het gene dat ooit van me was
dicht bij jou zou zijn.

Je kuste me fijntjes en
in de gauwte holde je
naar de trein,
de trein die nooit op een afscheid wacht.

Op de trein zit een vrouw die
niet weet dat ik niet zal slapen
vannacht.


() Op perron negen staat een vrouw

Op perron negen staat een vrouw
te turen naar de sporen,
oneindig zijn de lijnen die
almaar verder gaan, als
twee strepen die verzaken
om elkaar ooit aan te raken
ook al heb je je leven afgereisd.

Ik zoek naar een zin
die goed is voor ons beiden
met een aanhef die geen
verdere uitleg hoeft
een woord dat de
dingen die gebeuren bij de
lurven neemt en ons
door het station sleept, daar
waar we nu al jaren vertoeven.

Op perron negen staat een vrouw
naar de sporen te turen,
dat doet ze nu al enkele uren
wat in dit verlaten station
komt er nooit nog een trein.


() Treinglijden

We zitten allen samen op de trein
die laag tegen de grond rijdt
om het landschap niet verder
open te splijten.

Als we nu eens allemaal
zouden vrijen, met elkaar,
hier, nu, zomaar,
verstrengeld in elkaars haren,
om samen thuis te geraken
met een brede lach op ons gelaat
zodat men ons bij het binnen
komen vraagt: was het leuk
op het werk vandaag?


#HenriA


() De overkant

Het hart zaait uit en je beweegt
door mijn beschreven niemandsland 

alsof je stapvoets door de naschokken 
van mijn aardbeving raast 

In de uithoek van mijn hoofd 
is er voortdurend gefluister 

jouw vingerafdrukken kruipen 
door alle holtes van mijn lijf 

Ik speel met verzonnen antwoorden 
op al mijn vage vragen

rek de tijd uit die me nog rest 
en voel in al mijn raken

hoe ik verlang naar de overkant
om me daar met jou voort te zetten 

#HenriA

() Er is een boom waar duiven sterven

Er is een boom waar duiven sterven
van elkaar en van verdriet
almaar zoekend naar de diepste ziel
in de eieren die ze uitbroeden.

De kuikens zullen weldra uitvliegen
schraal en moederziel alleen
op zoek naar vers voedsel
om zichzelf te kunnen overleven.

En nog sneller zullen zij ook nesten
tussen takken en nat mos
verstrikt in de broedende kruin
van de duivenboom des doods.

#HenriA

() Ik slaap beter in het licht (insomnia)

Je vertrekt en laat mij achter
samen met de beloken nacht 
en nu hol jij loops achter de zon,
om elkaar straks, 
in de schemer achter de horizon, 
opnieuw te beminnen. 

Zandsporen uit m’n ogen 
strompelen tuimelend over de grond, 
naar de kast, waar tussen kleren 
aan ijzeren stangen, 
de voorbije dag zich
heeft opgehangen. 

Ik kruip in jouw slapeloosheid 
en uit de reserves van mijn adem 
vreet ik tergend traag 
de nacht doormidden, tot
die nacht zich terug in de berm
van de ochtend trekt. 

Krijtende nacht,
vergeef me mijn ongeduld, 

maar ik slaap beter als ik
wakker ben, met de ogen open. 
Ik slaap vaster in het licht 
van de glanzende dag 
want overdag kan ik 
levendiger over jou dromen. 

#HenriA

() Column - Huidhonger

Woorden - 260 | Leestijd - 1 min

Vandaag kwam ik ze weer tegen. De daters. Maar niet met elkaar. Zij met een andere hem. Hij met een andere haar. En dat op dezelfde plaats, maar op een andere dag weliswaar. 

Ik zie ze zitten, schuin voor me. Een doorloopcafé, een tafel achteraan. De eerste klunzige woorden, na een halve kus op de kaak. Een eerste voorzichtig glas bier. Voor hem. Rode wijn voor haar. De eerste zin zet de toon voor het verdere verhaal. Wat zouden ze mekaar deze keer vertellen? Steeds weer opnieuw? Steeds weer hetzelfde verhaal, over hetzelfde leven, met dezelfde accenten, met dezelfde blaren. Zouden ze mekaar elke keer opnieuw in de ogen kijken? Op zoek naar de achterkant van elkaars ziel? Of zoeken ze troost in hun lege slaapkamer, in de holte van hun hart? 

Ze dragen de sporen van het leven. Zij rond de ogen, hij in zijn verward verhaal. Wat wil hij weten? Waar wil zij over praten? Heeft zij al gebaard? Heeft hij al bedrogen? Wat is deze keer het verhaal? Over de kinderen en de zieke hond. Over de hardheid van het leven. Over de verveling van de job. Over niks krijgen en altijd maar geven. Hoe snel zou er over ons worden gepraat? Over elkaars dromen? Over twee sterke armen als vleugels die niet meer zijn dan een gebaar om terug op adem te komen. En de stad te laten voor wat ze is. En zo kunnen ze nog een eind door gaan, zoals de takken van de bomen. 

Vandaag kwam ik ze weer tegen. De daters. Ik heb ze daar gelaten. Bij elkaar. In hun waan. 

#HenriA


() Jan Swerts - Zo bleek zal ik zijn

() Beeldtaal

De klaprozen applaudiseren
wanneer jij voorbij marcheert

Ga je te snel, wordt het banaal
ga je te traag, stuikt het ineen

Het heeft met dosering te maken
niet te weinig, niet te veel

De juiste passen, de juiste tred
dat kan je niet aanleren

Daar ben jij mee geboren
net zoals het rood van de klaprozen.

#HenriA

() Met gegons in onze oren spelen we oneindig

"Voire, cést fermer les yeux"


Door de druppels op het raam
zie ik de regen niet meer
tel de planken op de vloer
strooi er kruimels overheen

De klok is niet vooruit te jagen
de wind buiten legt wijzers lam
in de verte knalt een uitlaat
de kachels zoemen warm

Ik hoor leidingbuizen suizen
bij de buren blaft een hond
door de muren dringt een autoalarm
jouw muziek kneedt me zacht

Een rilling loopt langs de rug
het hart schraapt in de keel
de maag gonst op en neer
er is geen licht op de wc

#HenriA

() Engelengeduld

Ik kijk omhoog, naar de lucht
en wacht op een engel,
maar de engel valt niet,
slaat de vleugels niet
uit om bij me te zijn.

Het laatste dat me rest
- met mijn laatste zuchten
van adem, vanaf
het groene ochtendlicht
tot de maan me in vieren
deelt -
is het plukken van wolken,
kleine stukjes,
tot een groot luchtkasteel.

En daar sta ik dan,
als een opblaasbare ridder
verdedig ik het plagiaat
van jouw woorden, die
van op mijn schouder tegen
me spreken,
als ben ik onthoofd.

Ik wacht,
op een engel,
die me bewaart en
in me fluistert:
“Ik neem je mee, als je
in engelen gelooft”

#HenriA

() Sigur Rós - Við spilum endalaust


Hopelandic is a fictional language 
that the band Sigur Rós came up with. 
The sounds are based on Icelandic,
but there's no structure or meaning
 to the syllables, so it's impossible 
to translate.

() Het herfstfeest

Het botten van de bomen
is al een hele tijd verlopen
en nu ook de zomer taant
sluipt de herfst in de knoken.

Het lijf dat kraakt
van wind van regen
en flarden verleden
die tegen de hersenstam beuken.

Een spons van wolken
veegt ons in zwarte jassen
met schuilende hoofden
in opstaande kragen.

We korten in dagen
die guren en klammen
en meer grijs dan
licht in zich dragen.

We moeten wennen aan het weer
aan de tijd van het jaar
en aan al de jaren die
we samen verdonkeremaanden.

#HenriA

() Column - Ik zwijg, dus ik besta

Woorden - 405 | Leestijd - 90 sec

Wees nu eens stil! Als kind kreeg ik dit meerdere keren per dag te horen. Van mijn moeder, van mijn zussen, van mijn broer. Ik was een nogal… babbelgraag kind, zoals dat noemt. Ik besefte als kind ook niet echt wat dat betekende: stilte. Ik dacht dat dat onbeweeglijk op een stoel zitten was. En niet praten. Maar later leerde ik de echte stilte kennen. In haar verschillende gedaantes. 

De onaangename stiltes, die loodzwaar kunnen wegen. Wanneer twee geliefden monddood naast elkaar liggen en niet weten hoe ze de stilte nog kunnen doorbreken. Of de stilte in de wachtkamer. Iedereen besnuffelt mekaar vanuit de ooghoeken, maar een gesprek wordt gemeden. Het soort van stilte dat de wereld nerveus maakt en die weggepraat moet worden. Want die loden stiltes leggen meer verschillen bloot dan boeken vol woorden. Maar zo zijn er ook de aangename stiltes. Die een vriend kunnen zijn. In de liefde bijvoorbeeld. Of in vriendschap. Want wie met elkaar de stilte aandurft en aankan, is bestand tegen de latere woorden. En die stilte verdient respect. De woorden die haar doorbreken, moeten de stilte dienen. 

Stilte wordt een schaars goed. Ook al is het maar dat onze voortdurende gedachten die onder onze schedelpan in het rond vliegen geen stilte toelaten. Als die stem eindelijk haar mond houdt, is er de ware stilte. De stilte die je nodig hebt om je staande te houden in een wereld vol lawaai. Het moment dat je de stilte vindt, is niet het moment dat je nieuwe kanten aan jezelf ontdekt die je was vergeten. Neen, het is het moment dat je jezelf vergeet. Het moment dat je er alleen maar bént, zonder er iets van te vinden. 

Onlangs zag ik nogmaals de film “Into the Wild”. Zowat dé ode aan de zoektocht naar stilte. Wat zou Chris McCandless, de (anti)held in het verhaal, schrikken van al het kabaal dat er over zijn zelfgekozen isolement en dood in een bus in Alaska is ontstaan. Een boek, een film, een soundtrack, een cultfenomeen. Alles behalve stilte… 

Dit is geen betoog voor een kop vol leegte. Dat kunnen wij als mens niet aan. Maar wel om je ervaring je ervaring te laten zijn, zonder die altijd mee te delen aan anderen. Hoe of waar dan ook. Zwijgen over je stilte, dat is pas écht stil zijn. Kortom, we maken veel lawaai. Vaak om weinig. Meestal om niets. Parole. Parole. Parole. 

#HenriA



() In jouw wachtkamer

Wanneer je gehavend bent
en de klappen onzichtbaar vallen
adem dan traag tot de hoek
zich terug recht trekt.

Koop tijd die tijdloos is
en onderga het wolkengebroed
dat door de lege wachtkamer zwerkt
en je meeneemt naar later.

Later heeft nog geen kleur vandaag,
geen vlucht, geen gestrand,
geen gelaat.

Het onmogelijke dat zich openbaart
of toegedekt blijft doet het hart
immer overuren slaan.

#HenriA

() Met vallen en opstaan

Stil ben ik als fluister
traag zal ik weer
voor jou opstaan
zonder nodeloos geluid.

Stilte is ook de taal
van de vertrouwenspersoon
die het hart omarmt
en me beluistert.

Jouw adem veegt
de koude weg
en maakt de lucht
in mijn longen warm.

Ik denk aan bijna niets
maar wel een beetje
aan later.

Want om te stoppen
met vallen moeten
we de val achter ons laten.

#HenriA

() Jubilea

Ik besta nog niet zo lang
de wereld is er al langer
denk ik

zoals toen we gecondoleerd
werden bij de start van de
21e eeuw

en we in mekaars ogen keken
op de vele verjaardagen die nog
zouden volgen

we werden een naam aan
de deurbel en een nummer in
een telefoonboek

geluk werd ons hoogste goed
en goed leven een levende
vanzelfsprekendheid

gek werden we verklaard toen wij
een verzopen generatie werden die
alle waardigheid had verloren

maar we vierden het leven alsof
niets ons kon deren, maar
ik hou niet van jubilea

want dan lijkt het allemaal niet
veel waard terwijl wij wel veel
beter weten.

#HenriA

() Windstil

De dagen zijn als
papieren bootjes
op stilstaand water.

Geen wind om
de zeilen bol te blazen,
geen golven om vaart te maken

alvorens het water
het bootje verzwaart
en voor altijd
onder de waterlijn bewaart.

#HenriA

() Silhouette

Ik sterf 100 levens
dat waren er 99 te veel
na het kaf en het koren
zal er 1 terug keren.

Niet ik, niet zij, maar jij
zal sterven van ontbering
aan een te weinig
van te veel.

Geen enkel ik
zal nog 1 woord ontbloten
aan het silhouette
van jouw lijf.

#HenriA

() The Tragically Hip - Fiddler's Green


September seventeen
For a girl I know it's Mother's Day
Her son has gone alee
And that's where he will stay
Wind on the weathervane
Tearing blue eyes sailor-mean
As Falstaff sings a sorrowful refrain
For a boy in Fiddler's Green
His tiny knotted heart
Well, I guess it never worked too good
The timber tore apart
And the water gorged the wood
You can hear her whispered prayer
For men at masts that always lean
The same wind that moves her hair
Moves a boy through Fiddler's Green
Oh nothing's changed anyway
Oh nothing's changed anyway
Oh anytime…

In memory of Gordon Downie 
February 6, 1964 – October 17, 2017

() Een heel klein beetje oorlog

Ik heb het even gehad met de wereldvrede,
laat me maar rustig op
het bankje aan het water
mijn eigen wereld bevaren.

De nevel over de Demer
het hamburgerrestaurant met dovende stemmen
bloeddorstige honden op de kade
de lantaarn in laaiende brand.

Een telefoon die oplicht elke zo veel minuten
met vragen en antwoorden digitaal
slechts een paar stappen verwijderd
van de kamers van mijn hart.

#HenriA

() Column - In het leven zijn niet het aantal kilometers belangrijk, maar het leven in elke kilometer

Lengte - 270 woorden | Leestijd - 2 minuten

Hippocrates, de grondlegger van de westerse geneeskunde, wist het 2400 jaar geleden al: wandelen is het beste medicijn! Stap uit de auto om het landschap te bekijken en het blijft slechts een afbeelding. Wandel erdoor en het wordt deel van je zijn. Hoe het ook met je gaat. 

Ik wandel veel en ik wandel graag. Vooral nu. Want wandelen is het gezondste preparaat. Het steeds maar herhalen van schoenen in de aarde. Het ritmisch stampen van de cadans. Het maakt de vastgelopen gedachten vrij en stimuleert de ontwikkeling van een persoonlijk verhaal. Wandelen vraagt niets. Alleen een paar welwillende benen, schoenen en vooral… tijd. We leven allemaal met een auto in ons hoofd. De tijd die we nodig hebben om ons te verplaatsen drukken we uit in benzinetijd. Maar door te wandelen verplichten we ons om stil te staan bij de enige tijd die er is: het nu. Want wandelen laat je het zachte van de traagheid herontdekken, tegenover de dronkenschap van de snelheid. 

En wandelen zet aan tot inzichten, invallen en helende gedachten. Vraag dat maar aan Nietzsche. Al tijdens zijn leven wist hij de kracht van wandelen op waarde te schatten. Uren struinde hij alleen rond in de Zwitserse Alpen met zijn potlood en notitieboekje in de hand. Gedachten die hij later herkauwde tot lijvige werken. 

Wandelen is breken met de waan van de dagelijkse gang van zaken in de wereld, met de waan in het eigen hoofd. Een terugkeer naar de basis. Een basis voor je eigen schepping. Aan een ritme op mensenmaat. Of zoals Einstein zei: de benen zijn de wielen van de creativiteit! 

#HenriA


Wandelen - Een filosofische gids - Frederic Gros - 2013

() Slaapverlamming*

Je zoekt naar adem in de lucht en
drukt je duimgedachten uit in de 
open plek van het bos.

Onder een dakkapel van 
kreupelhout en maangloed lig je 
golvende uren op het bedmos te woelen.

De landgenoot die ooit een baken 
was dreef weg uit jouw gebladerte, 
wat overblijft is een pluimveld en 
een hoopje verzonnen verhalen.

En ook de zinnen die ze nu nog in 
de rimpels van jouw lichaam schrijft
moeten verborgen blijven, omdat 
ogen knagen en jouw woorden 
korter zijn dan de dag.

#HenriA


(*) Kenmerk van slaapverlamming is dat de spieren in het lichaam vlak voor het in slaap vallen of direct na het ontwaken verlamd zijn. Verlamming van de spieren treedt normaliter op tijdens de remslaap. Alleen de oogspieren, de longen en het hart zijn dan nog actief. Deze verlamming treedt op om te voorkomen dat bewegingen in dromen echt uitgevoerd worden. Bij slaapverlamming bevindt de persoon zich als het ware tussen droom en waaktoestand in, waardoor deze zich niet kan bewegen en praten. Dit kan zeer beangstigend zijn voor de persoon in kwestie. (Wiki)

() Kunstlicht

De stad staat plots
als een vreemde voor
het raam en kijkt mij aan.

Ik vang haar ogen, staar in
het hart van pleinen, kerken,
woonblokken, bruggen,
kantoren.

Lampen gaan aan, eerst
zacht, dan hard, om de
nacht te verjagen.

Achter elke gevel licht
even een leven op
tot het gaat slapen.

En ik sta achter het glas,
bevroren, zoals toen ik
een kind was en me diep
verstopte in een kast.

#HenriA

() Het zit zo - II

Daar lagen wij,
opgeschraapt, met een
mond vol stof,
nog opgescheept met elkaar.

Aanwezigheid verpakte zich
als afwezigheid, een omgekeerde
belofte werd verraad.

Maar het zit zo

Wij klommen graag, in gedachten
verzonken, maar vallen was
meer aan ons besteed.

Want watervallig vielen wij,
in lagen, als cascades,
altijd een beetje
dieper, altijd minder meer.

En zo kwamen wij aan
zoals we vertrokken, met
lege handen en een nagapende
open wonde.

#HenriA

() Het zit zo - I

Ik wilde echte bloemen
uit nepbloemen maken
en van water wijn.

Ik wilde een bed
uit de wind zetten
en de slopen verdrijven.

Ik wilde van een meisje
een vrouw maken
en van een steen een hart.

Ik probeerde van schaduw
zonnestralen te kneden
en brood voor elke dag.

Maar het zit zo

Het lege bed en
de vrouw missen niet,
nepbloemen hoeven
geen water,
de schaduw die over je
ligt, zal nooit zon toelaten.

En de wijn en
het brood van vandaag
naast de verse bloemen op tafel
smaken niet meer naar steen
maar naar zoetlekker hart,
want het mooiste overkomt je,
het minste is bedacht.

#HenriA

() Eindelijk thuiskomen

Geen enkel huis is zo
zwart dat ik er niet
kan in wonen.

Geen enkele muur
te wit zodat ik er niet
in slapen kan.

Zo bewoon ik dit huis
dat tussen vandaag
en morgen staat.

Ik woon in elke hoek,
in elke steen, in
elke traptrede.

Hier woont leed
en liefde samen
onder hetzelfde dak.

#HenriA

() Grondstof


Dat splitsen aan de binnenkant
dat roekeloos groeien van
machteloze woorden
in het vlees.

Al honderd levens
heb ik me bedacht
doorheen de vergleden weken,
de afgevinkte nachten.

Als stro na een storm
kijk ik in de spiegel
naar de wallen onder mijn ogen
mijn weerbarstige haren.

Ik staar in mijn hoofd
en strijk de plooien plat
tel het stokken van mijn adem
maak de luchtwegen vrij.

En schrijf mijn hartstocht
naar jullie die me dragen
op grote en kleine handen
onvoorwaardelijk en zeer nabij.

#HenriA

() Diploma

Ik was niet de beste
leerling van de klas

want ik las boeken,
luisterde naar jazz

ik sprak hardop
over taboes

en al mijn
verborgen verlangens.

Ik durfde huilen
als een man

en onverbloemd
al mijn lagen tonen,

gooide me soms in
een niet te winnen strijd

maar was steeds
eerlijk in m'n verwijten.

Dook soms roekeloos
in de diepte,

tuimelde meermaals
uit mijn comfortzone.

Maar dat leverde niets op voor
wiskunde, fysica of algebra.

Je haalde er geen credits mee
om verder te studeren

maar het leerde mij wel
de puurste lessen

om mijn weg te vinden
in het leven.

#HenriA

() Pirouette

We zaten samen in een
overrompeling van woorden
en waren geloofwaardig naar
elkaar.

Dat deden we tot de zon
kwam boven drijven en toen
schampten alle wonden
weg.

De lucht klaarde,
ik kon weer ademen
en ook alle dorst was
gelest.

En vederlicht zwijmelde ik
verder, zonder nog om te
kijken naar de last die in me
zat.

#HenriA

() Dageraad

Er zijn van
die zeldzame avonden
dat de tijd stil staat,
je niet wil weten
wat morgen brengt,
je het hoofd onder
het kopkussen begraaft.

Alles kan beter, altijd,
zo zijn we opgevoed,
met de harde hand
en de paplepel,
maar daar wil ik
nu niet van weten.

Raak mij gewoon aan,
met de zachte kussens
van je hand,
streel mij over mijn kruin
en fluister me dat
alles zal gaan zoals het gaat.

#HenriA

() Ik ga vreemd met mezelf

Het open raam blaast wind
en zucht me terug wakker,
badend in nachtelijke schemer.

Ik ben de minnaar die de slaap
aan banden legt en de uren telt
die in deze slaapkamer kleven.

Maar van zodra ik je zie begin
ik te wankelen en te beven
drijf ik in je ogen weg.

Word ik een roofdier dat
roept en brult en tiert
en vecht voor zijn leven.

Ik sluit de gordijnen
en de dwaze nachtgedachten
want om licht te kunnen zien
moet het volledig donker zijn.

#HenriA

() Dwalen

Wanneer onverwachts de nacht valt, het begint te schemeren in het hoofd, zwart niet je lievelingskleur is en de ogen wild om zich heen slaan

trek ik schoorvoetend de stille stad in, schuim langs daken, ramen en etalages op zoek naar licht, maar zie enkel schreeuwerige neonreclames die opflikkeren en me angst aanjagen.

Zie ik een oude magere man die ik probeer te ontwijken, in een praatje maken heb ik geen zin, maar ik ben traag vandaag, lig zomaar voor het grijpen.

Hij kijkt me aan en vraagt me hoe het gaat, ik zeg slechter wordt het niet meer vandaag, want vandaag heb ik alle hoeken en kanten van het leven al gezien.

#HenriA

() Troost

Soms is het kil in het hoofd
zoals in deze hemelhoge kerk
die tot de wolken reikt.

Galmen mijn woorden tegen
de steunbogen en sterven
uit op een Mariabeeld.

Wat geeft troost op bange dagen
een lach, een schouder,
een knipoog van
een veel te stille God.

Niet elk lijf is altijd
een kathedraal,
een tempel of een bedevaartsoord
waar ik de dag overheen kan plooien.

#HenriA

() Fluistering

De zwarte nacht kwam weer en ik had er plots niets meer op tegen dat mensen het soort van leven leiden waar je geen eind aan knoopt.

Dat heb ik je al meermaals meegegeven onder de blauwe hemel, mijn God, wat ben je mooi.

En ik smaak de grandeur van het leven dat me in een nucleaire openbaring benevelt, er is geen oorlog meer.

Ik zal de loopgraven verlaten, ik geef twee namen aan de dagen want er zijn maar twee soorten dagen meer.

De dagen waarop de verliezer wint en de dagen zonder meer waarop ik je toefluister dat houden van toch niet zo moeilijk hoeft te zijn.

#HenriA

() Het is een dag die niet lukt

Het is een dag die niet lukt
de nacht was te kort
de lucht te grijs
de gedachten te donker.

Ik ontwaakte tweedehands
en herkauwde de zon,
maakte plannen in de ochtend,
snoeide overhangende onrust.

Letters flikkerden
op een plasmawereld
en ik dacht aan jou,
how the time is now

en ik ben de ramblin man
die zijn weg zocht
door een dag die me niet
verkoelt maar verbrandt.

#HenriA

() De bloemen staan op springen

De bloemen staan op springen
het rusten heeft lang
genoeg geduurd
nu de zomer met haar grillen
de juiste woorden niet vindt

Ik ben al hun namen vergeten
alleen over de slaaproos heb ik gedroomd
nu ze sterft zonder water
en de wereld verkleurt tot rood

Zoals het zweet en de tranen
van het bloeien
en de woorden van water
die als stengels
mijn hoofd doorboren
tot een verslenste beddendood

Kan ik geen bloem meer zijn
nu de bloemen weten
dat ik het ben
die hen de namen zal geven
die enkel nog in dromen bestaan.

#HenriA

() Beproeving

Een paar dagen geleden kreeg ik net voor middernacht een bericht van een vriend. Hij vroeg of ik nog wakker was. En dat ik thuis was. En of hij mocht langs komen. "Natuurlijk!", tekstte ik hem terug. Voor vrienden is de deur altijd los. Ik wreef het middernachtzand uit mijn ogen, maakte koffie, zette me op mijn terras, keek diep in de nacht en wachtte op de deurbel.

Een half uur later sloop hij binnen en viel letterlijk met de deur in huis. Alvorens ik iets kon zeggen of vragen smeet hij me toe: "Ik heb kanker". Plots zag de nacht nog zwarter en mijn woorden balden zich tot één grote krop samen in mijn keel. Hij vertelde over zijn angsten, zijn onmacht, zijn loutering en zijn berusting. Hij vertelde over hoe zijn oude wonden, opgelopen door het geleden leven, plots waren weggesmolten en zo gezien, banaal bleken te zijn. Hij vertelde over de warme woorden die hij geschonken kreeg van de handvol mensen waar hij het tegen gezegd had. Hij vertelde over de onderkoelde reacties die hij ook kreeg. Hij vertelde dat mensen ook maar mensen zijn. Hij vertelde over hoe onmaakbaar het leven is en dat geluk en ongeluk je beiden overvallen en dat je over geen van beiden misnoegd hoeft te zijn. Hij vertelde over de beproeving, de moeilijke momenten en zijn wilskracht. Hij vertelde over hoeveel wijzer hij geworden was in een paar weken. Hij vertelde over hoe alles nu beter smaakt en intenser proeft. Hij vertelde over het universum en het bestaan. Hij vertelde over de leegheid die hij rond zich zag. Hij vertelde over de lange avond- en nachtwandelingen die hij alleen maakte. Hij vertelde over de rust die dan over hem daalde als hij naar de sterren keek. Hij vertelde. Hij vertelde. Hij vertelde. Hij vertelde dat hij niet dood wil gaan.

En ik luisterde. Uren lang. Tot de zon bijna opkwam. Toen stond hij op, pakte me stevig vast en fluisterde: "Misschien moet je maar eens over mij schrijven...". "Doe ik", prevelde ik hem terug. En hij verdween in de aankomende dag. "Ik schrijf liever over jou, dan over mezelf", is wat ik toen dacht.

#HenriA


() Jazzwood

Tussen de bomen
Fluistert Bert Joris
Alle tonen die mijn
Toonladder aan kan.

Wij onder de bomen
Geliefden samen
Van de jazz
En van elkaar.

Wij hebben geen ritmes
En kwartsmaten nodig
Om de muziek
En elkaar te begrijpen.

Vriendschap vraagt geen
Grote woorden of halve noten
Om in een groot bos
Stil samen te zijn.

HenriA

() Duo

() Is het

Woorden zijn ook
maar woorden.
Zo ook dit
onbestemd gedicht.
Het is ook maar.

En toch is
het alles
wat ik ben,
ook al 'is het'
dat dikwijls niet.

Ouders zouden hun
kinderen nooit
mogen overleven.

Ook dat hoort niet.

() Postuum

Als de dood je aankijkt
met half gesloten ogen
heb je nog zo veel te schrijven.

Of net niet.

Alle woorden krijgen
dan plots een ander gelaat,
zoals de mensen die er in wonen
of ze klinken net monotoon en banaal.

Hoe dan ook,
mijn woorden smaken naar verleden,
verleden van vervlogen tijden.

Na de dood
wordt men pas
een groot schrijver.

#HenriA

() Column - Bae

Daarstraks fietste ik over de kade naar huis. Rustig draaiend, met het water mee. En daar zag ik haar, het pubermeisje met de weelderige haardos op haar skatebord. Van ver zwaaide ze naar me. Ik fleurde open en riep haar spontaan het koosnaampje dat ik ooit voor haar koos toe. Naar mekaar lachend passeerden we elkaar.

Een vriendinnetje dat haar ondersteunde hoorde ik haar nog net vragen: “Is dat je papa?”. Ik moest glimlachen. Het antwoord hoorde ik niet, daarvoor was ik al te ver voorbij gezoefd. Ik weet niet wat het pubermeisje geantwoord heeft. Het doet er ook niet toe. Nee, ik ben haar papa niet. Maar ik heb haar wel al die jaren erg graag gezien. En nu nog steeds. En zij mij ook. Dat zag en voelde ik. Wij hebben geen sociale media of een eiland nodig om dat van mekaar te weten.

Later - als God het belieft -, als ze groot is en de tijd zijn werk heeft gedaan en ze op eigen benen staat, praat ik nog wel eens met haar. Over het leven, over haar dromen, over shoppen, over haar liefjes, over perspectieven, over wonen, over kunst, over cadeautjes. Want dat deden we vroeger ook.

#HenriA

() Bodemkundig

We praten over
het onmogelijke
leven
tot het licht
wegvalt in schemer.

Pas dan
smaken tranen
als wijn aan lippen,
worden woorden
van afscheid
weg geweend.

We liggen braak
als akker
geploegd in elkaar
leggen velden open
en oogsten troost.

Proeven
zoete vruchten
uit de verborgen bodem
en planten
ons terug in
keurslijf.

#HenriA

() Helende bomen

Na het nieuws trok ik mijn jasje aan, stopte mij hoofd ver weg en maakte een wandeling door het bos. Voor een grote boom bleef ik staan. Stokstijf. Zo stond ik daar. Vervolgens kantelde ik mijn hoofd omhoog en keek recht in het gebladerte. Dat deed ik een lange tijd. Ik trok er een blad af en bekeek het langs alle kanten. De nerven vonden moeiteloos hun weg door het doorzichtige groen. Als kleine aderen. Alle bladeren waren hetzelfde. Allemaal geboren uit zonlicht en water tijdens de vorige lente. Het was bijna ondraaglijk om aan de gelijkvormigheid van deze kruin te ontsnappen. Onuitputtelijk gespuwd uit de bron van het leven.

Het was beangstigend om tussen al deze grote bomen te lopen, omringd te zijn door deze enorme, razende kracht van alles wat groeide, in het licht van een verblindende zon. Het bracht me nietig, bijna op de knieën, zoals je doet voor Goden. En ik voelde me klein. Wezenloos. Op een weg richting een einde. Maar dat dacht ik maar voor even.

De klank die dit in mij opriep was er een van verlangen, verlangen naar iets tastbaars, iets concreets, een geboetseerd beeld. Leven! Ik liep verder onder de zongevlekte bomen, door de warme geuren van het bos en ik bedacht me dat ik in het midden van het leven stond. Niet het leven als leeftijd, niet halverwege op de weg van het leven, maar midden in het bestaan.

Mijn hart sidderde en beefde. Mijn hart en ik maakten een sprong. Ook dit zal ik overleven.

() Traag

Traag zijn de sporen van de dagen die voorbij gaan, van de cellen, van de gedachten die inslapen.

Het is wat het is met de traagheid die alle tijd in een druppel in zich draagt en maar één reden heeft van bestaan.

Het omarmen van wat is en komen zal in de zoetste liefde naar alles en iedereen mee met de stroom van toekomstige dagen.

Het verleden heeft zijn tijd gehad en zal voor altijd slapen.

#HenriA

() Kamer 426

Wat zou ik zijn zonder pen? En zonder jou? Dan zou ik zonder woorden zijn, een lege mond met een tong die enkel nog schraapt naar vale klanken.

Ik zou alleen zijn met mijn angst,
met een lijf dat aftakelt van de blinde vlek die onder de huid kruipt
en me bij de keel grijpt.

Ik verzet bergen en gedachten, samen met jou, dat hebben wij altijd al gedaan sinds de lente, die nu in de zomer is overgegaan.

Maar het liefst zwijgen wij samen, tegen elkaar aan, met hartslagen die ons verleden verbinden. Met jou kan ik de toekomst aan.

#HenriA

() Hoe je het maar bekijkt

De stad is te klein
Of te groot
Hoe je het maar bekijkt

Te klein voor grote dromen
Te groot voor kleine wensen

Te klein voor het passeren
Te groot voor het verteren

Te klein om in verloren te lopen
Te groot om de huid te stropen

Te klein om in te schuilen
Te groot om te verruilen

Te klein om vol te leven
Te groot om volledig te geven

De stad is te groot in zijn kleinheid
Te klein om groots te kunnen zijn
Hoe je het maar bekijkt

#HenriA

() Laatste reis

Op de vloer een koffer met open armen
vol verwachting naar een reis van verlangen.
Met alles er in wat er weer uit komt, later
alsof wat is gestapeld nooit is geweest.

Ligt de koffer al maanden op de vloer
stof te sparen en te wachten op het ontvouwen
van een broek, de tandenborstelharen
netjes opgespaard, het ezelsoor in het boek.

Mijn geur hangt in lagen over mijn net niet laatste

Wie bij mijn dood de koffer vindt zal zeggen:
Wat een triestig einde!
Net nu het regent vandaag
ging hij op reis.

Doe de koffer nu maar op slot
ten einde

#HenriA


() Levens veranderen, maar mensen veranderen niet

De wolken die drijven in slierten en brokken over me heen. Ze stapelen de dagen en je draagt in je zorgen een wolkje voor me mee.

En de zee die verengt in een kolkende engte en ik zeg maar niets. Omdat ik weet dat je niet kan vatten wat ik niet kan verwoorden.

En de zon die verdwijnt van het gras waarop we onze confessies verzwegen, de coureurs aanmoedigden en de Tour de France naspeelden.

Zo zei ik je onlangs, toen ik naast je lag: “levens veranderen, maar mensen veranderen niet. Zoals stervende sterren op lichtjaren verwijderd ook blijven schitteren in de nacht".

Ik weet niet wat je toen dacht. Je zei maar niets.

#HenriA

() Vale más pan con amor, que gallina con dolor (Mexicaans gezegde)

In gedachten tijdens
de nacht
De zonneregen
van de dag dooft

Jij naast mij al slaapt
Jouw adem stil in
mijn nek blaast

Ik mijn hoofd
schoon veeg
Van het zweet
van het leven
Van het stof
van het verleden

Mag alles gewoon
stoppen met draaien
Is er verder niets
meer uit te klaren

Val ik met
mezelf samen
tot een eindeloze
sereniteit

#HenriA

() A Toast (Zdravljica)

The vintage, friends, is over.
And here sweet wine makes,
once again,
sad eyes and hearts recover,
puts fire into every vein.
Drowns dull care
everywhere
and summons hope
out of despair (...)

France Prešeren

() Achter de bergtoppen

We turen uren naar de sterren
die als polkadots tegen de hemel plakken.

Een zwart gezicht vol sproeten
van licht verhult zich in een melkwitte nevel.

We scheren hoge toppen en af en toe tuimelt er een ster pardoes naar beneden.

Maar wensen hoeft niet meer want alles wat er te wensen valt, valt als een zacht deken over ons heen.

#HenriA

() In de luwte van jouw rug

In de luwte van jouw rug
Leef ik mijn dagen
Tel ik mijn zegeningen
Gedraag ik me waardig.

In de luwte van jouw rug
Is er geen verdriet meer
Of geforceerde pose
Zelfs geen besef van bestaan.

In de luwte van jouw rug
Leeft de stad haar leven
Lach ik in mijn vuisten
Over de leegte die het uitdraagt.

#HenriA

() Fietsgeluk

In een garderobe van bonte
kleuren zweefde je op je fiets
door het park waar in jouw zog
fluitconcerten uitstierven, in
de nasleep van je draaiende
pedalen en je ingehouden
speelse lach.

Daar, op dat bankje, gaf ik jou
een eerste kus, klunzig en
onbeholpen de lippen nog
half gesloten, al waren het
ogen die pas ontwaakten
in het loodrechte licht van
een felle zonnige dag.

Met een blos van schaamrood
op de wangen vingen we
woordjes die net niet
ontsnapten uit pubermondjes
want de jaren verraadden dat
we daar al lang aan
waren voorbij gegaan.

Als al deze bomen hier
eens konden praten, perken
zachtjes zouden willen fluisteren
wie in dit park
zich al in het gras heeft gevleid
en kussen heeft uitgedeeld
aan voorbij fietsende jaren,
zouden wij dan echt de enigen zijn?

#HenriA

() Nationale feestdag

Ik kijk naar het zelfportret van een natie
de vergeelde glorie van het verleden land
waar de huizen, de straten en de mensen
zijn leeggelopen.

Lege paden. Opgedroogde rivieren
die geen schepen meer dragen
op sterke schouders, zelfs
het zinken zit er niet meer in.

Tussen twee torenhoge wallen
slaat de klank zijn vleugels uit,
verzuipen de noordzeemeeuwen
in de lucht, dagen ze de dag uit.

Zweetsporen trekken een spoor van zout
om een nieuwe zee van kolkende
woorden te baren. Zie, daar: een vlucht
kabbelende vogels ploegt zich door
het zwerk van het uitgedachte staatshoofd.

Een kroonprinses met zeegroene ogen
slaat een bladzijde om van een boek
dat draagt en gelezen zinnen verscheurt.
Wat staat er in dat boek?

Ik ben een trage lezer met een keel
in het hart dat kantelt tussen de ruggen
van de kaft die ons, waarde landgenoten,
meeneemt over de rafelende tijd.

Gespoeld, door voren van hoge golven
in het watermerk van de ogen gedrenkt
denk ik mezelf opnieuw uit:
laat de nacht een weeskind zijn.

#HenriA

() Gegrond

Je vaart als een wolk
over ons heen
zet de schemer vast
tussen de ogen.

Ik schuif je
tussen mijn vingers
die zachtjes kneden
van boven tot beneden
tot jouw middenrif
open breekt.

Je start het wiegen
en net voor je me
wijdbeens in je eet
stuit je hand op
mijn borst.

In de aanraking van
die ene seconde
heb jij mij alles gegeven,
mijn hele wereldgeschiedenis
die tussen de lakens
voorbij marcheert.

En in jouw ogen
zie ik de blik
van een gelukkig kind
dat naar mij ruikt
naar mij proeft
mij likt.

We geven elkaar
Zonder dat we geven.

#HenriA

() O Amor Natural (Ode aan Carlos Drummond Andrade)

Je spreidt je benen
om je te tonen,
ver voorbij de erotiek
van woorden stroomt
jouw zacht roze ster
in watervallaagjes
voor me over.

Je bent goed opgevoed
en je lippen poetsen me
grondig proper naar
een klim van ongeziene hoogte,
je maakt me tot jouw biechtstoel.

Je knoopt je benen rond
mijn lendenen en
leidt me naar verlangen,
de verlossing ligt
diep verborgen achter
jouw verslindende orkaan.

Kreukloos zijn de golven
die je neemt en die je geeft,
kleurloos het warme zaad
dat zich plant in jouw
bevlogen aarde.

Nahijgend is het zweet
dat parelt over onze dijen,
het schuim op onze buiken,
de gloed in de schaamstreek.

Smekend de gouden tranen
op dat de volgende dag
nooit meer aanbreekt,
je opstaat, je aankleedt en
een groot stuk hart
van me meeneemt.

#HenriA

() Ergens tijdens de nacht

Op kousenvoeten en zonder kousen aan
glip ik in de schemer rond jouw nieuwe maan,
zoek ik naar een tweede adem.

Aan mijn lippen plakt de geur
van je vulva waar ik me aan verslikte,
in mijn hemd de afdruk van jouw tepel.

Mijn rug brandt uit van de muur die in
me schuurde toen ik je heupen op me wiegde
en je hoofd in je nek verdween.

Tussen mijn schouders gloeit jouw toegestoken
hand en de afdruk van je tanden als een stempel
die jouw lusten in me beet.

En ik sloop dichter naar je door de nacht als een dief
en stopte mijn hoofd ver weg voor je ontwakende
woorden want ik weet dat je me graag ziet.

#HenriA

() Ik heb zin in Frans kussen

Ik heb zin. Zin om jou te kussen.
Zoals in een Franse film.
Met onweerstaanbare woorden,
die ontsnappen tussen lippen.

Zoenoffers, die landen als
zoete dorstlessers op je mond
en dan ontvlammen
tot smeulende brandversnellers.

Ik heb zin om je te kussen.
Met de contouren van mijn hoofd
dwars door de schotten
van jouw gesuikerde lippen
tot aan de binnenkant
van jouw hoofd.

#HenriA

() Temptation Island

Als er een onbewoond eiland
Zou bestaan
Zonder stormen
En demonen

Dan zou ik
Daar
Met jou
Kunnen wonen

Waar geen wolven
En geen verhalen zijn
Geen verledens
Enkel paradijsvogels

Waar dag en dauw
Zon en maan
Versmelten tot
Één tijdloze reis

Maar zo'n eiland
Bestaat niet
Ook niet in
Ons vermogen

Nu kloven
Bruggen
Woorden
Blikken in ogen
Verschroeid zijn

#HenriA

() We worden wat we herhaaldelijk doen

- Ode aan de psychiatrie -

De jacht op dromen is geopend,
de kalverliefde pakt je bij de horens
maar uiteindelijk bemin je voornamelijk jezelf.

Je bent geen man,
je bent geen vrouw,
je wil alles zijn voor iedereen,
maar het liefst iets waar men over zwijgt
en dan verdwijn je helemaal in het niets.

Nu de kraan met woorden is dichtgedraaid,
en je seriemoordenaarkalm in de droogte,
alleen op een onbewoond eiland,
achter gesloten rolluiken,
onder een zwijgende palmboom.

Jezelf in het witte zand begraven,
het hout voor de pijlen verschoten,
in het flessenwater de boodschap verloren,
en je moet vertrouwen op weesgegroetjes.

En de man stond in de badkamer
keek in de spiegel en zag een ver gezicht
scheerde zich weg en dacht alleen nog aan later.

#HenriA


Vrouw voor de spiegel
Christoffer Wilhelm Eckersberg
olie op doek, 33,5 x 26 cm
1841

() Tour de force

Ken je Michel nog?
En Eddy & Roger?

En God, wat dan te zeggen
over Freddy, Jempy & Rik II
& wie ik nog allemaal vergeet.

Jongens, dat waren tijden,
hoe die konden rijden!
Met tweeënvijftig tanden of meer
door het leven.
Harkend tegen de flanken
de benen dol draaien.
Nooit omkijken,
altijd er tegen aan.

“Zo maken ze ze niet meer”,
zei mijn grootvader wijlen,
- als wij vroeger, samen voor teevee -

Die trouwens de oorlog heeft
overleefd. Net zoals
Michel, Freddy, Eddy & Roger.

#HenriA

() Met een oude wereldkaart en twee kauwgommen de wereld rond

In de stad aan de Leie
Koop ik voor jou een oude wereldkaart
Die je traag ontrolt
Strelend me je vinger over gaat.

Van stad naar stad
Over land en over water
Al wandelend, al dansend, al varend.

Springt van hier. En naar daar.
Ja daar. Ik wil dat je me daar bebost.
Zeg je me al vragend.

Ik wil dat je me daar verplant
Je vermant en groeit
Me in jouw takken neemt
En mijn takken nooit meer snoeit.

Je geeft me een doosje kauwgom
En steek er twee in mijn mond
Kauw je wensen tot een woordwolk
En antwoordt: met jou vlieg ik de wereld rond.

#HenriA

() Ik omarm je in het wit

Zullen wij
Wij twee
De open
De open witte vlaktes
Omarmen
Niet alleen in
Onze hoofden
Maar in het echt
Écht
Met open armen

Zoals ijsberen
Ijsberen op de poolkap
De poolkap zachtjes omarmen
Om het ijs zeker
Niet te laten breken
En het wit
Niet verloren te laten
Gaan

Want het is in
Het wit
Het wit van onze witruimte
Daar waar geen woorden
Geen woorden bestaan
We mekaar echt
Maar dan ook écht
Omarmen en verstaan

#HenriA

() Op jou hebben de tijd, rimpels en grijze haren geen vat

Open de tijd
een seconde
een eeuwigheid

het maakt niet uit
maar schenk me jouw
toegevoegde tijd

tot een moment
van verlangen
in oneindigheid

tegen de relativiteit
waarin ook wij
beiden bestaan.

Neem me mee
naar jouw
tijdzone

als is het voor
een fractie
van een periode

om in elkaars
omloopsnelheid
tijdloos op te gaan.

#HenriA

() Van al jouw lachen is jouw slappe lach de mooiste

Van ondenkbaar
Naar onuitspreekbaar
Tot onontkoombaar

Van zo ver
Zijn wij gekomen

Van onkreukbaar
Naar onuitwisbaar
Tot onontkoppelbaar

Tot zo dicht
Zijn wij thuisgekomen

#HenriA

() Jij hebt me een brief geschreven met echte woorden en echte plooien

Toen ik jou de eerste keer terug
zag en onze blikken een luttele
seconde deur in de hand de
kamer vol passanten

Verdween ik van iedereen en
voelde het trillen van handen niet
door de woorden die ik losliet
maar door de vonken het vuur
het verlangen de spanning

En toen schreef jij mij een brief
een echte brief op echt papier met
echte woorden en echte plooien
en een kus als laatste woord

En ik ging zitten aan mijn schrijftafel
en tuurde op een wit blad en zocht ook
naar de juiste woorden maar stuurde
je een leeg blad terug

En jij begreep dat ik geen woorden
nodig had om uit te leggen hoe
graag hoe veel hoe erg hoe blij hoe
wel en hoe niet er niet toe doet

En toen kwam er een nieuwe brief
van jouw hand en van de lippen
van jouw mond met de mooiste
volzinnen in de helderste taal die
iemand ooit tegen me heeft gepraat

En later wanneer we mekaar opnieuw
zagen hebben we alle brieven samen
in brand gestoken heb ik je hand genomen
gewandeld en gezegd:
vanaf nu gaan we echt leven

We stapten weg van de verhalen en de
holle wegen weg van de platgetreden
paden weg van verleden weg
van alles wat ons had vervreemd

Jij hebt me een brief geschreven een
echte brief met echte woorden en echte
plooien en een echt begin zonder eind...

#HenriA

() Aan de kaak gesteld

Nog alles staat hier even omgeven
tot het kleinste vingerkootje in mijn hand
die sloeg en streelde tot bevens
en nu is gaan liggen op je wang.

Dag huis op de buiten en verlaten,
ver weg van de stad en de straat
waar ik me meermaals prostitueerde tot
ontblote nachten die nooit leken weg te gaan.

Maar zie, ik groei naar grasgroene horizonten
met blinkende heuvelruggen in de zon,
zoek mijn schaduw tussen de dennenbomen
die immer in bloei zullen staan.

Ook als het nevelt en waait
en mijn mond dorst naar verboden water
en de speldenprikken van alle naalden
het slagveld met een deken bezaait.

En toch, alles staat hier nog even omgeven
in vormen die weldra zullen vergaan,
als ik elke avond slapen ga
met mijn adem tegen jouw blanke kaak.

#HenriA

() Storm in een glas water

Als de grote storm onbereikbaar is
omdat je bent uitgeregend en
het water net boven de lippen

De weerman je moed inpraat
en zegt dat het allemaal wel niet
zo'n vaart zal lopen

Maar de straalstroom toch
een krijtlijn blijkt te zijn
op een groen schoolbord

En je sokken sponsen worden
die bij elke stap je voeten
dieper in het slijk soppen

Dan wordt een mens monddood
gemaakt en met sokken en al
het moeras in getrokken.

#HenriA

() Jazzdrumster

Ik raak nog even jouw tenen aan
Mooi beschilderd zijn zij
Als grote schoendozen

Ze snakken naar zuurstof boven water
En zijn nu klaar om op het podium te gaan
Voor het ritme van het drumpedaal

Zit jij daar achter je batterij
Te fonkelen, te borstelen
Op jouw vellen en de cymbalen

En ik luister naar de jazzmuziek
Die jullie samen in me slaan
Drum je in mijn bas jouw naam
en maak je mij jouw gekliefde

Jij plooit de mooiste beats
In achtste, halve en hele tonen
Samen wezen met een jazzdrumster
Is simpelweg het allermooiste

#HenriA

() Vertrouwen draagt meer bij tot de conversatie dan intelligentie

Af en toe
Water
Bij de
Wijn

En toch
Elke dag
Samen
Dronken

Niet van
Het water
Maar
Van de goede wijn

Dat moet
De roes
Van
Samen zijn

#HenriA


() Lievelingsboek

Als ik schrijf
Schrijf jij mee

Zonder krachttermen
Maar met ideeën

Zo vertaal jij hét
Woord als woord

En spel je zonder
Letters mijn wereld

Geef je klare taal
In een spontane brief

Die leest als
'mij zal je nooit moeten vrezen'

Jij hebt geen
Geheimen nodig

Veel uitleg
Is overbodig

Een boek dat open is
Laat zich vanzelf lezen

#HenriA

() Commedia dell'arte

De artiest zwoegde jaren door het landschap
Jongleerde een straat, een kerk, een dorpsplein, een standbeeld
Een kleurrijke tent in een verschoten wereld

Hield alle ballen omhoog
balanceerde op een slappe koord
In een circus
Zonder vangnet onder de trapeze

De lach verschool zich
Achter handjesgeklap
Een aap op een fiets draaide rondjes
En wist niet beter

En de ballerina draaide pirouettes
Maar viel steeds weer naar beneden
De messengooier werd afgebot
Omdat zijn messen niet meer werden geslepen

Het orkest speelde altijd het zelfde lied
Van hoempapa, hoempapa
Tot alle noten waren opgedroogd
Omdat de dirigent steeds maar wegliep

En toch groette hij steeds vrolijk het publiek
Dat niet meer wist wat te denken
Over de commedia dell’arte
Als verheven volksvertier.

Zolang je maar lang genoeg waant
kan je zijn wie je wil:
een goochelaar, een clown,
een verdwijntruc,
een enigma,
een illusionist,
een acrobaat die mensen
steeds op het verkeerde been zet.

Misschien neemt de artiest
maar eens een schminkvrij gezicht
Het is niet meer nodig
Nu hij het circus en
de stad heeft verlaten

#HenriA

() House Quake Summer Edition

We eten toast in bed
Wrijven de kreuken
Uit de ogen
Nu ook dit verlangen is vervuld
Dekken we de blote schouders
Nog even toe.

Het bed een hut
Een haven
Waar kruingevoeligheid
Niet bestaat
We plagen, nestelen, delen, praten.

We zijn nog wat stram
In de leden
En onze gebaren
Van het dansen
En alles daarna
De voorbije nacht

Veer je op
Van de lattenbodem
Tussen de twee mondhoeken
Sijpelen dolle woorden
En een brede lach

Wandel je slaapdronken
Van de haven
Naar de badkamer
En verschijn je even later
Als een vrolijke parade
Die me meedanst
In een nieuwe dag

#HenriA


Rupert Holmes - Escape (Pina Colada Song)

() Eindeloos reizen kan blijkbaar ook aangenaam zijn

Nooit zullen wij nog ophouden te ademen
Na die eerste lentekus
Toen alles klaar stond om te botten
En te tuimelen tot bloesems
Alsof onze eindeloze reis
In de sterren stond geschreven. 

En nu neem ik je mee naar IJsland
En naar de Groenlandzee
Waar de lente laat gaat slapen
En de middernachtzon ons wakker houdt
En vereeuwigt tot nieuwe sterrenbeelden

#HenriA

() Nachtbus

We nemen de nachtbus
En rijden zomaar ergens heen

Volgen onze reflecties
In de neonlichtvensters

Naar plaatsen waar wij nog
Nooit eerder zijn geweest

We leren nieuwe gewoontes
En ontdekken nieuwe kansen

Kijken onze ogen uit
Op de hoekjes en kantjes

We laten alle haltes passeren
En trekken een lange lijn

Naar daar waar we voor goed
Aankomen en echt willen zijn

Wat ben ik blij met jouw nachthoofd
En jij met dat van mij

#HenriA

() Wanneer woorden samen vallen

Ik laat me niet meer meeslepen in de zwarte nacht
waarin een god ons allerlei beloftes maakt
en als drenkelingen laat scharrelen
naar het beloofde land.

Zie dan,
hoe de maan haar eigen stralen vangt
en de stervelingen traag doet sterven
in de aanschijn van de aanstromende dag
spartelend als dode vissen in het water.

Bloedverwanten zijn het, op zoek naar geluk
roze zalmen tegen de stroom
tegen beter weten in zwemmen
om de dood tegemoet te paren.

Op de oever staren twee paar ogen
naar elkaar en naar elkaar in het water
in de spiegel van een gelouterd leven
in rimpelgolven die de zee nooit zullen halen.

En het enige dat hen al lukt is lachen naar elkaar
ze hebben nog geen woorden uitgevonden
om een brug te bouwen in taal
om samen te wandelen door het water.

Maar de ochtend brengt raad:
sommigen zullen naar huis gaan
anderen zullen weg van huis gaan
maar zij die blijven zullen
vroeg of laat
verdrinken in het wassende water.

#HenriA


(Gedicht voor Paul S. Uit dank)

() Oeverloos geluk

Gisterennacht zwommen we samen
In het oeverloze water
Alleen jij en ik
En de enkele kikkers die
Naar ons kwaakten

Het water was warm
Zo ook onze harten
Die eerst schoolslag klopten
En daarna van rugslag naar crawl

We duikelden en doken
Onder de waterspiegel
Tot de bodem
Tot dat niets ons nog kon raken
En tot slot dreven we in elkaar.

De nacht deed de rest
Samen met triljoenen sterren
En een klein onzichtbaar stukje van de maan.

En je waakte tot de ochtend
Over ons en ons zacht slapen
Op de verscholen oever
aan het oneindige water.

#HenriA

() Troost